Naar de hoofdinhoud

Taakcomponent: Oogbewegingen

  • Pas het traject aan naar een van de verschillende paden: Lineair, Elips, Stuiterend, of Figuur 8.

  • Wanneer bewegende visuele stimuli minder geschikt zijn voor je client, kun je er ook voor kiezen dit uit te schakelen.

  • Voor elk traject kun je vervolgens ook de snelheid aanpassen.

💡 Tip: Voordat je inhoudelijk met het beeld van de client aan de slag gaat, kun je even proefdraaien om samen met de client te bepalen welke snelheid voor hen werkt. Zo heb je meteen van begin af aan een goede baseline voor jullie EMDR-sessie.

👉 Volgende stap: Taakcomponent: Interactief

Was dit een antwoord op uw vraag?